Deel dit project
The Health of Displaced Children
Samenvatting
Belangrijkste bevindingen
In hoofdstuk 2 hebben we systematisch de bestaande wetenschappelijke literatuur op een rij gezet over de voedingsstatus van vluchtelingenkinderen die in kampen wonen in Europa en de regio’s Midden-Oosten en Noord-Afrika (MENA). Van de 1.385 geïdentificeerde studies werden er 12 geïncludeerd, die in totaal 7.009 kinderen in 14 verschillende vluchtelingenkampen omvatten. Onze meta-analyse toonde een prevalentie van chronische ondervoeding (‘stunting’) van 16% en acute ondervoeding (‘wasting’) van 4,2%, wat wijst op een relatief hoge mate van chronische ondervoeding, maar een lage mate van acute ondervoeding bij deze kinderen.
In hoofdstuk 3 onderzochten we de voedingsstatus van 304 vluchtelingenkinderen van 0–18 jaar in het Closed Controlled Access Centre (CCAC) Mavrovouni-vluchtelingenkamp op Lesbos, Griekenland. We stelden vast dat acute ondervoeding veel voorkomt. In onze onderzoeksgroep was 11% chronisch ondervoed, 10% van de kinderen jonger dan vijf jaar leed aan acute ondervoeding, 5% had ondergewicht en opvallend genoeg was 13% te zwaar, wat wijst op een verstoorde voedingsstatus binnen deze groep kinderen. Alleenreizende minderjarigen (UAM’s) waren bijzonder kwetsbaar, met een significant hoger percentage groeiachterstand van 31% tegenover 11% in de algemene groep kinderen. Onze studie liet geen significante verbetering van de voedingsstatus zien tijdens het verblijf van de kinderen in het kamp. Borstvoeding was positief geassocieerd met betere gewicht-voor-lengte-scores bij kinderen tot vijf jaar.
In hoofdstuk 4 richtten we ons op de kwaliteit van leven (QoL) van kinderen die in vluchtelingenkampen op het Griekse eiland Lesbos wonen, met speciale aandacht voor kinderen in CCAC’s met verzorgers en alleenreizende minderjarigen (UAM’s) in opvanghuizen. Met behulp van de Patient-Reported Outcomes Measurement Information System (PROMIS) itembanken hebben we verschillende QoL-domeinen gemeten, zoals angst, depressie en cognitief functioneren. De vragenlijsten werden vertaald door tolken. In totaal namen 111 kinderen deel (94 met verzorgers en 17 UAM’s), die slechter scoorden op emotionele en fysieke gezondheidsdomeinen vergeleken met Amerikaanse normen, maar verrassend genoeg een hoger gevoel van zingeving, vooral onder UAM’s. We ontdekten dat een langere verblijfsduur in het kamp significant geassocieerd was met hogere scores op angst- en depressieve symptomen.
In hoofdstuk 5 onderzochten we de morele stress die onderzoekers ervaren tijdens hun werk in het CCAC Mavrovouni. Via kwalitatieve ethische workshops met onderzoekers identificeerde onze studie zeven belangrijke thema’s die de complexe ethische dilemma’s weerspiegelen waarmee zij worden geconfronteerd, waaronder uitdagingen op gemeenschaps- en systeemniveau, morele verantwoordelijkheid, conflicterende plichten, misvattingen over voordelen voor deelnemers, copingstrategieën, culturele factoren en veranderingsmodellen. Onze bevindingen tonen aan dat onderzoekers zonder adequate ondersteuning risico lopen op morele schade, wat het belang van speciale ondersteuningssystemen onderstreept.
Bekijk ook deze proefschriften
ASSESSING AND STRENGTHENING THE PERFORMANCE OF CARDIOVASCULAR AND CANCER CARE PATHWAYS
Symptomatic treatment of myasthenia gravis
Persistent Fatigue in Chronic Respiratory Conditions
Wij drukken voor de volgende universiteiten





















