{"id":8839,"date":"2026-04-07T08:45:56","date_gmt":"2026-04-07T08:45:56","guid":{"rendered":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/portfolio\/maja-binnewijzend\/"},"modified":"2026-04-23T08:33:10","modified_gmt":"2026-04-23T08:33:10","slug":"maja-binnewijzend","status":"publish","type":"us_portfolio","link":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/portfolio\/maja-binnewijzend\/","title":{"rendered":"Maja Binnewijzend"},"content":{"rendered":"","protected":false},"excerpt":{"rendered":"","protected":false},"author":8,"featured_media":13663,"comment_status":"closed","ping_status":"closed","template":"","meta":{"_acf_changed":false,"footnotes":""},"us_portfolio_category":[45],"class_list":["post-8839","us_portfolio","type-us_portfolio","status-publish","has-post-thumbnail","hentry","us_portfolio_category-new-template"],"acf":{"naam_van_het_proefschift":"FUNCTIONAL AND PERFUSION MRI IN DEMENTIA","samenvatting":"FUNCTIONELE EN PERFUSIE MRI BIJ DEMENTIE\n\nDementie kan worden veroorzaakt door een groot aantal verschillende ziekten. De ziekte van Alzheimer is de meest voorkomende neurodegeneratieve ziekte die dementie veroorzaakt, gevolgd door Lewy body dementie en frontotemporale dementie. Dementie wordt gekenmerkt door een geleidelijke achteruitgang in de cognitieve functies, zoals het geheugen, de uitvoerende functies en taal. Bij pati\u00ebnten met milde cognitieve stoornissen is er sprake van een achteruitgang van het cognitief functioneren, bijvoorbeeld een verminderd functioneren van het geheugen, zonder dat dit tot problemen in het dagelijks functioneren leidt. Pati\u00ebnten met milde cognitieve stoornissen hebben een verhoogd risico op het krijgen van dementie, in het bijzonder de ziekte van Alzheimer. Met behulp van \u201cmagnetic resonance imaging\u201d (MRI) is het mogelijk de hersenen af te beelden, om zo de structuur van de hersenen te kunnen onderzoeken. Bij pati\u00ebnten met een neurodegeneratieve ziekte is op deze structurele MRI beelden te zien dat bepaalde hersengebieden krimpen door de afname van zenuwcellen (atrofie). Bij de ziekte van Alzheimer vindt deze krimp met name plaats rond de hippocampus en de pari\u00ebtale hersenschors. Atrofie van de hersenen is echter pas zichtbaar in een laat stadium van de ziekte van Alzheimer, vaak op het moment dat de dementie zich ook klinisch al openbaart.\n\nDe ziekte van Alzheimer wordt pathologisch gekenmerkt door de neerslag van het eiwit amyloid en de kluwens van het eiwit tau in de hersenen. Tientallen jaren voordat klinische symptomen zich openbaren kunnen de vroegste pathologische tekenen van de ziekte van Alzheimer worden gedetecteerd, bijvoorbeeld door het meten van amyloid in het hersenvocht of het in beeld brengen van een amyloid-bindende PET tracer. Een nadeel van amyloid als marker voor de ziekte van Alzheimer is dat de hoeveelheid neerslag van het amyloid eiwit niet gerelateerd is aan het klinische beloop van de ziekte, en dat deze neerslag een plateau bereikt in een vroeg stadium van de ziekte. Dit maakt amyloid minder geschikt voor het meten van de progressie van de ziekte.\n\nNaast het meten van het amyloid eiwit, is het ook mogelijk om de functie van de hersenen in kaart te brengen. Functionele maten kunnen in het geval van een neurodegeneratieve aandoening worden gebruikt om neuronale dysfunctie aan te tonen voordat er atrofie van de hersenen optreedt. Functionele veranderingen treden ook op in een vroeg stadium van de ziekte, maar in tegenstelling tot de neerslag van het amyloid eiwit bereiken deze veranderingen geen plateau. Dit maakt functionele maten, zoals glucose metabolisme of cerebrale perfusie, meer geschikt als maat voor ziekteprogressie.\n\nIn dit proefschrift werd gebruik gemaakt van twee MRI technieken om neuronale dysfunctie in de vroege fase van de ziekte van Alzheimer te onderzoeken, namelijk blood oxygen level-dependent (BOLD) resting-state functionele MRI (rs-fMRI) en \u201carterial spin-labeling\u201d (ASL) MRI. Met behulp van BOLD rs-fMRI is het mogelijk om te onderzoeken hoe verschillende hersengebieden functioneel met elkaar verbonden zijn tijdens rust (d.w.z. wanneer de hersenen niet actief met een cognitieve taak bezig zijn). Deze maat wordt omschreven als \u201cfunctionele connectiviteit\u201d. Daarnaast is het mogelijk veranderingen in functionele connectiviteit ten gevolge van een neurologische of psychiatrische ziekte te onderzoeken met behulp van BOLD rs-fMRI.\n\nASL MRI is een functionele beeldvormende techniek waarmee cerebrale perfusie (bloeddoorstroming) kan worden gemeten. De techniek maakt gebruik van magnetisch gelabeld arterieel bloed dat door de halsslagaderen stroomt als endogeen contrastmiddel. Cerebrale perfusie, gemeten met ASL MRI, kan uitgedrukt worden in de kwantitatieve eenheid mL\/g\/min wat het mogelijk maakt om perfusiewaarden van verschillende scansessies of centra met elkaar te vergelijken. ASL MRI wordt beschouwd als een potentieel niet-invasief alternatief voor de visualisatie van functionele veranderingen bij pati\u00ebnten met verschillende neurodegeneratieve ziekten.\n\nDe belangrijkste doelstelling van dit proefschrift was het onderzoeken van veranderingen in functionele connectiviteit en cerebrale perfusie bij pati\u00ebnten met de ziekte van Alzheimer en andere typen dementie die veroorzaakt worden door neurodegeneratieve ziekten. Aan de hand van dit doel werd gestreefd naar het verkrijgen van meer inzicht in de onderzochte ziektes, en het bijdragen aan een mogelijke toekomstige rol van functionele MRI technieken bij het diagnostische proces van pati\u00ebnten met dementie.\n\nHoofdstuk 2 van dit proefschrift bestaat uit de studies waarin functionele connectiviteit van pati\u00ebnten met Alzheimer dementie en pati\u00ebnten met milde cognitieve stoornissen werd onderzocht met behulp van BOLD rs-fMRI. Uit eerder onderzoek is gebleken dat tijdens rust de hersenen georganiseerd zijn in circa tien consistente netwerken (of clusters) van hersenstructuren. Deze netwerken worden rust-netwerken genoemd. In hoofdstuk 2.1 vergeleken we de functionele connectiviteit binnen deze rust-netwerken van pati\u00ebnten met Alzheimer dementie, pati\u00ebnten met milde cognitieve stoornissen, en gezonde controles. Dit werd gedaan door de subjectspecifieke rustnetwerken die gereconstrueerd werden met behulp van de \u201cdual-regression\u201d methode, met elkaar te vergelijken. In vergelijking met de gezonde controles toonden pati\u00ebnten met Alzheimer dementie lagere functionele connectiviteit binnen het \u201cdefault mode\u201d netwerk, ter plaatse van de precuneus en het posterieure cingulum. In dit gebied bevonden de gemiddelde functionele connectiviteitswaarden van pati\u00ebnten met milde cognitieve stoornissen zich tussen de waarden van gezonde controles en pati\u00ebnten met Alzheimer dementie in. Bij het opsplitsen van de pati\u00ebntgroep met milde cognitieve stoornissen in converterende en niet-converterende pati\u00ebnten (gemiddelde klinische follow-up van 2,8 jaar) bleek bij vergelijking van de groepen alleen het verschil tussen pati\u00ebnten met Alzheimer dementie en niet-converterende pati\u00ebnten met milde cognitieve stoornissen statistisch significant. Een relatie tussen functionele connectiviteit en prestatie op de Complexe Figuur Test van Rey binnen de groep pati\u00ebnten met Alzheimer dementie illustreerde de klinische relevantie van veranderingen in functionele connectiviteit binnen het \u201cdefault mode\u201d netwerk.\n\nMet behulp van bovenbeschreven analysetechniek vergeleken we in hoofdstuk 2.2 functionele connectiviteit binnen rust-netwerken van pati\u00ebnten die op jonge leeftijd de ziekte van Alzheimer kregen (ontstaan v\u00f3\u00f3r het 65ste levensjaar; JAD) en pati\u00ebnten die op oudere leeftijd de ziekte van Alzheimer kregen (ontstaan n\u00e1 het 65ste levensjaar; OAD). Ten opzichte van gezonde controles van vergelijkbare leeftijden toonden JAD pati\u00ebnten lagere functionele connectiviteit binnen de acht gevonden rust-netwerken, terwijl OAD pati\u00ebnten alleen lagere functionele connectiviteit binnen het \u201cdefault mode\u201d netwerk toonden. JAD pati\u00ebnten toonden bovendien lagere functionele connectiviteit binnen vijf van de acht rust-netwerken ten opzichte van de OAD pati\u00ebnten (o.a. binnen het \u201cdefault mode\u201d netwerk). Wanneer alle pati\u00ebnten met Alzheimer dementie in ogenschouw werden genomen, bleek lagere functionele connectiviteit binnen het \u201cdefault mode\u201d netwerk geassocieerd te zijn met slechtere uitvoering van visuoconstructieve taken.\n\nIn hoofdstuk 2.3 gebruikten we een maat genaamd \u201cEigenvector centrality\u201d om functionele connectiviteit van pati\u00ebnten met Alzheimer dementie en gezonde controles met elkaar te vergelijken. Met behulp van centrality kan de belangrijkheid van ieder knooppunt in het brein worden uitgedrukt (iedere voxel in het geval van fMRI data). Het verschil met de methode uit hoofdstuk 2.1 en 2.2 is dat met behulp van Eigenvector centrality het brein als \u00e9\u00e9n groot netwerk wordt beschouwd, terwijl in bovenbeschreven stukken functionele connectiviteit binnen de verschillende rust-netwerken apart met elkaar werd vergeleken. Pati\u00ebnten met Alzheimer dementie toonden verminderde functionele connectiviteit (lagere Eigenvector centrality waardes) beiderzijds in de occipitale hersenschors, en toegenomen functionele connectiviteit (hogere Eigenvector centrality waardes) in de mediale frontale hersenschors ten opzichte van gezonde controles. Verminderde functionele connectiviteit ter plaatse van de occipitale hersenschors hing samen met slechter cognitief functioneren binnen de groep gezonde controles.\n\nHet derde hoofdstuk van dit proefschrift bestaat uit studies waarin cerebrale perfusie, gemeten met behulp van (pseudo-continue) ASL MRI, werd bestudeerd bij pati\u00ebnten met verschillende neurodegeneratieve ziekten. In hoofdstuk 3.1 wordt beschreven dat pati\u00ebnten met Alzheimer dementie in alle hersenkwabben lagere perfusiewaarden tonen dan de pati\u00ebnten in de controlegroep. Perfusiewaarden van pati\u00ebnten met milde cognitieve stoornissen waren alleen in de achterste hersengebieden, namelijk de pari\u00ebtaal- en occipitaalkwabben, lager dan die van de pati\u00ebnten in de controlegroep. Zowel pati\u00ebnten met Alzheimer dementie als pati\u00ebnten met milde cognitieve stoornissen toonden ten opzichte van de pati\u00ebnten in de controlegroep de meest uitgesproken perfusieverschillen ter plaatse van de precuneus, het posterieure cingulum en de bilaterale pari\u00ebtale gebieden. Cerebrale perfusie was geassocieerd met de mate van cognitief functioneren binnen de groep pati\u00ebnten met Alzheimer dementie.\n\nDoel van hoofdstuk 3.2 was het vergelijken van perfusiepatronen van pati\u00ebnten met Alzheimer dementie, Lewy body dementie en de gedragsvariant van frontotemporale dementie. Regionale perfusiewaarden werden vergeleken met behulp van variantieanalyses voor herhaalde metingen. Dit resulteerde in de bevinding dat perfusiepatronen verschilden tussen de diagnostische groepen. De laagste regionale perfusiewaarden werden gevonden bij de groep pati\u00ebnten met Lewy body dementie, met een sparing van de temporaalkwabben. Bij de groep pati\u00ebnten met Alzheimer dementie was de perfusie het meest afgenomen in de achterste hersengebieden. Grijze stof perfusiewaarden (gecorrigeerd voor partieel volume-effect) waren het laagst in de frontaalkwabben in pati\u00ebnten met frontotemporale dementie, en het laagst in de temporaalkwabben in pati\u00ebnten met Alzheimer dementie.\n\nIn hoofdstuk 3.3 verschoof de focus naar het bestuderen van cerebrale perfusie in de pre-dementiefase van de ziekte van Alzheimer. De verschillende stadia waarin de pre-dementie pati\u00ebnten werden ingedeeld werden gebaseerd op de onderzoekscriteria van het \u201cNational Institute on Aging \u2013 Alzheimer\u2019s Association\u201d (NIA-AA), waarbij in deze studie gebruik werd gemaakt van de biomarkers amyloid en tau in het hersenvocht. Uit de resultalen bleek dat een lagere perfusie gerelateerd was aan een verder gevorderd stadium van de ziekte van Alzheimer. Er werden geen significante regionale perfusieverschillen gevonden tussen pre-dementie pati\u00ebntgroepen en de controlegroep. Perfusie was gerelateerd aan cognitief functioneren over de groepen met verschillende stadia van (pre-dementie) ziekte van Alzheimer, en binnen de groep pati\u00ebnten met Alzheimer dementie.\n\nNaast corticale atrofie zijn uitingen van schade aan de kleinere bloedvaatjes een veel geziene bevinding op structurele MRI beelden van pati\u00ebnten met de ziekte van Alzheimer. Doel van de studie in hoofdstuk 3.4 was om beter te begrijpen hoe bij de ziekte van Alzheimer atrofie van de hersenen (neurodegeneratie: verlies van structuur en functie van de neuronen) en schade aan de kleinere bloedvaatjes (\u201csmall vessel disease\u201d) gerelateerd zijn aan cerebrale perfusie. Zowel een kleiner hersenvolume als een grotere hoeveelheid witte stof afwijkingen (als uiting van schade aan de kleinere bloedvaatjes) bleken onafhankelijk geassocieerd met lagere perfusie bij pati\u00ebnten met Alzheimer dementie. In de controlegroep was hersenvolume niet gerelateerd aan perfusie, en neigde een grotere hoeveelheid witte stof afwijkingen naar een samenhang met lagere perfusie. Uit deze bevindingen blijkt dat een verlaagde perfusie bij de ziekte van Alzheimer niet alleen gerelateerd is aan neurodegeneratie, maar ook aan schade aan de kleinere bloedvaatjes.\n\nConcluderend kunnen we stellen dat zowel functionele connectiviteit als cerebrale perfusie is afgenomen in pati\u00ebnten met Alzheimer dementie. Deze afname is (met name) gelokaliseerd ter plaatse van de achterste hersengebieden. De studies in dit proefschrift tonen aan dat deze functionele veranderingen gerelateerd zijn aan cognitief functioneren, wat het meest uitgesproken geldt voor cerebrale perfusie in de groep pati\u00ebnten met Alzheimer dementie. Functionele connectiviteitswaarden en cerebrale perfusiewaarden van pati\u00ebnten met milde cognitieve stoornissen bevonden zich consequent tussen die van de controlegroep en de groep pati\u00ebnten met Alzheimer dementie in. Daarnaast bleek dat een lagere perfusie gerelateerd was aan een verder gevorderd stadium van de ziekte van Alzheimer. Deze bevindingen onderschrijven dat de beschreven BOLD rs-fMRI en ASL MRI maten veranderen in een pre-dementiefase van de ziekte van Alzheimer, en dat deze maten gedurende het beloop van de ziekte van Alzheimer blijven veranderen. Dit gegeven maakt beide maten geschikt voor het monitoren van ziekteprogressie, bijvoorbeeld in het geval van klinische trials. Naast het monitoren van ziekteprogressie, wordt ASL MRI beschouwd als een potentieel alternatief om de hersenfunctie in beeld te brengen in het kader van diagnostiek bij dementiepati\u00ebnten. Vervolgonderzoek moet uitwijzen in hoeverre ASL MRI een geschikte maat is om de cerebrale perfusie op individueel niveau te beoordelen.","summary":"No English summary is available. You can read the Dutch summary <a href=\"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/portfolio\/maja-binnewijzend\/\">here<\/a>.","auteur":"Maja Binnewijzend","auteur_slug":"maja-binnewijzend","publicatiedatum":"21 maart 2014","taal":"EN","url_flipbook":"https:\/\/ebook.proefschriftmaken.nl\/ebook\/majabinnewijzend?iframe=true","url_download_pdf":"","url_epub":"","ordernummer":"FTP-202604070842","isbn":"978-90-8891-821-6","doi_nummer":"","naam_universiteit":"Vrije Universiteit Amsterdam","afbeeldingen":13663,"naam_student:":"","binnenwerk":"","universiteit":"Vrije Universiteit Amsterdam","cover":"","afwerking":"","cover_afwerking":"","design":""},"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio\/8839","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/types\/us_portfolio"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/users\/8"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=8839"}],"version-history":[{"count":1,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio\/8839\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":8840,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio\/8839\/revisions\/8840"}],"wp:featuredmedia":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/media\/13663"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=8839"}],"wp:term":[{"taxonomy":"us_portfolio_category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio_category?post=8839"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}