{"id":28251,"date":"2026-10-23T16:52:00","date_gmt":"2026-10-23T14:52:00","guid":{"rendered":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/portfolio\/bart-liebrand\/"},"modified":"2026-11-01T10:05:26","modified_gmt":"2026-11-01T09:05:26","slug":"bart-liebrand","status":"publish","type":"us_portfolio","link":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/portfolio\/bart-liebrand\/","title":{"rendered":"Bart Liebrand"},"content":{"rendered":"","protected":false},"featured_media":28256,"template":"","meta":{"_acf_changed":false},"university_us_portfolio":[17],"class_list":["post-28251","us_portfolio","type-us_portfolio","status-publish","has-post-thumbnail","hentry","university_us_portfolio-radboud-universiteit"],"acf":{"main_text":"","naam_van_het_proefschift":"Lumbosacral Transitional Vertebrae","samenvatting":"Lage rugpijn is wereldwijd \u00e9\u00e9n van de belangrijkste oorzaken van verlies van kwaliteit van leven. Een aanzienlijk deel van deze potenti\u00eble pati\u00ebnten ontwikkelt lumbosacrale radiculaire pijn. Indien conservatieve behandeling zoals fysiotherapie en medicatie onvoldoende effect heeft, worden zij doorverwezen voor verdere specialistische diagnostiek en behandeling. Vaak worden dan invasieve pijnbehandelingen ingezet. Tijdens deze behandelingen ontstaan er bij pijnspecialisten bij pati\u00ebnten met lumbosacrale overgangswervels onzekerheden over het juiste te behandelen niveau van de wervelkolom. Deze onzekerheid ontstaat door de aanwezigheid van overgangswervels. Dit zijn aangeboren varianten van de wervelkolom waardoor er vier of zes lendenwervels aanwezig zijn in plaats van de standaard vijf lumbale wervels. Bij circa 10% van de bevolking komen overgangswervels voor. Deze blijven vaak onopgemerkt door beperkingen in de standaard MRI-protocollen en het ontbreken van een gouden standaard. Hierdoor ontstaat een verhoogd risico op de bepaling van een incorrect wervel niveau met als gevolg een inadequate behandeling met minder resultaat. Dit proefschrift onderzoekt de aard en omvang van deze verschillen in de diagnose en het behandelniveau bij pati\u00ebnten met overgangswervels, de klinische gevolgen hiervan alsmede de nauwkeurigheid van bestaande methodieken voor niveaubepaling in de wervelkolom.\n\nNa een algemene inleiding over lumbosacrale overgangswervels wordt in hoofdstuk 2 een case-based review beschreven waarin wordt aangetoond dat verschillen in diagnostische benaderingen, variatie van doorlichtingstechnieken en beperkingen van MRI-protocollen regelmatig leiden tot discrepanties in het juiste behandelniveau. In dit artikel wordt verder aangetoond dat een gestandaardiseerde en bewezen effectieve methode voor niveaubepaling bij anatomische varianten ontbreekt. Verbeterde communicatie tussen radiologen, neurologen, chirurgen en pijnspecialisten, evenals hogere beeldkwaliteit en uniforme telprotocollen, zijn essentieel om de discrepanties in het juiste behandelniveau te voorkomen.\n\nIn hoofdstuk 3 wordt een retrospectieve studie gepresenteerd waarin bij 114 pati\u00ebnten met een afwijkend aantal lumbale wervels aanzienlijke verschillen werden gevonden tussen verwijsniveau van de neuroloog, MRI-niveau en behandeld niveau door de pijnspecialist. In 40% van de gevallen verschilden dossier-, verwijs- en behandelniveau, en in 46% kwam het MRI-niveau niet overeen met het behandelde niveau. De onderlinge betrouwbaarheid tussen radioloog en pijnspecialist voor het bepalen van het aantal lendenwervels was redelijk, maar voor het classificeren van de overgangswervels matig.\n\nHoofdstuk 4 onderzoekt de klinische gevolgen van de discrepanties van niveaubepaling in een cohort van 214 pati\u00ebnten. Onduidelijke beschrijving van het juiste niveau, door benoeming van bijvoorbeeld twee niveaus in een MRI-verslag, leidde tot meer consulten, meer interventies, meer beeldvorming, langere behandeltrajecten en vaker verwijzing naar andere ziekenhuizen bij pati\u00ebnten met lumbosacrale overgangswervels. Verschillen tussen MRI- en behandelniveau verhoogden significant de kans op interventies op een incorrect onjuist niveau.\n\nHoofdstuk 5 presenteert een systematische review naar de nauwkeurigheid van conventionele en geavanceerde methoden voor niveaubepaling. Conventionele technieken, zoals doorlichting echo CT en MRI, tonen wisselende nauwkeurigheid en bereiken nooit 100% nauwkeurigheid bij pati\u00ebnten met overgangswervels. Geavanceerde methoden zoals intra-operatieve navigatie en algoritme-gebaseerde technieken benaderen wel perfecte nauwkeurigheid, maar zijn kostbaar en onvoldoende gevalideerd. Artifici\u00eble intelligentie is nog niet geschikt om niveaubepalingen te doen in de wervelkolom.\n\nHoofdstuk 6 beschrijft een onderzoek naar niveaubepaling in de lendenwervels door pijnspecialisten en toont aan dat zelfs ervaren pijnspecialisten moeite hebben met niveaubepaling bij pati\u00ebnten met overgangswervels: in 43% van de gevallen werd een onjuist niveau gekozen, tegenover 8% bij normale anatomie.\n\nHoofdstuk 7 beschrijft de embryonale oorsprong van overgangswervels en bespreekt de gevolgen hiervan voor de klinische praktijk. Een echte lumbosacrale overgangswervel gaat gepaard met structurele veranderingen bij de lumbosacrale overgang, terwijl numerieke wervelvariaties enkel verschillen in aantal wervels zijn, zonder overgangsanatomie. Wervelkolommen met 23 of 25 vrij bewegende wervels zijn alleen numerieke afwijkingen wanneer er geen overgangsanatomie aanwezig is. Lumbalisatie en sacralisatie dienen in de literatuur strikt gedefinieerd te worden en gerelateerd te zijn aan het aantal sacrale en lumbale wervels.\n\nIn een algemene discussie in Hoofdstuk 8 concludeert dat overgangswervels in de lage rug een belangrijke bron van diagnostische onenigheid vormen door beperkingen en verschillen in benaderingswijze van deze pati\u00ebnten. Verbetering is mogelijk door multidisciplinaire samenwerking, volledige wervelkolombeeldvorming, gestandaardiseerde telprotocollen en toekomstige AI-modellen die getraind zijn op anatomische variatie.","summary":"Low back pain is one of the leading causes of disability worldwide. A substantial proportion of patients develop lumbosacral radicular pain and, when conservative treatment like physiotherapy or medication fails, are referred for specialist diagnostics. Interventional pain procedures in the pain management department are frequently the next treatment method. During these treatments discrepancies in determining the correct spinal level frequently arise in patients with lumbosacral transitional vertebrae (LSTV). These congenital anatomical variants, present in approximately 10% of the population, may result in four or six lumbar vertebrae instate of the standard five. LSTV remain often undetected due to limitations in standard MRI protocols, increasing the risk of incorrect level identification and treatment. This thesis investigates the nature and extent of these discrepancies, their clinical consequences, and the accuracy of existing level-determination methods.\n\nAfter an introduction on LSTV and its\u2019 clinical context in the first chapter of this thesis, Chapter 2 presents a case-based review showing that differences in diagnostic approaches, varieties in fluoroscopic techniques, and limitations of MRI protocols frequently lead to ambiguous identification of the symptomatic level. The article demonstrates that no standardized, evidence-based method exists for level determination in the presence of anatomical variants. Improved communication between radiologists, neurologists, surgeons, and interventional pain specialists, along with higher quality intraprocedural imaging and standardized counting protocols, is essential to prevent wrong-level interventions.\n\nChapter 3 describes a retrospective study of 114 patients with an anomalous number of lumbar vertebrae in which discrepancies between referral, MRI, and treatment levels were examined. These discrepancies were common: 40% between referral and treatment, and 46% between MRI and treatment. Interobserver agreement between radiologist and pain specialist was fair for classifying transitional vertebrae and substantial for vertebral counting.\n\nChapter 4 explores the clinical consequences of incorrect level identification in a cohort of 214 patients. Unclear level determination, for instance the nomination of possible two affected levels in an MRI report, was associated with more consultations, more interventional procedures, increased imaging, longer treatment trajectories, and more frequent referrals to other hospitals. Furthermore, this research demonstrated that discrepancies between MRI and treatment levels significantly increased the likelihood of incorrect level interventions.\n\nChapter 5 presents a systematic review evaluating the accuracy of conventional and advanced methods for spinal level determination. Conventional techniques (fluoroscopy, MRI, CT, ultrasound) showed variable accuracy and never achieved 100% accuracy in the presence of LSTV\u2019s. Advanced methods, including intraoperative navigation and algorithm-based approaches, frequently reached near-perfect accuracy but remain costly and insufficiently validated for routine clinical use. Artificial intelligence methods have achieved near-perfect accuracy but are not yet applicable to routine clinical use.\n\nChapter 6 describes a study on level identification accuracy in the lumbar spine by pain specialists and demonstrates that even experienced specialists struggle with level identification in patients with LSTV. Incorrect level identification occurred in 43% of LSTV cases, compared with 8% in standard lumbar anatomy.\n\nChapter 7 outlines the embryonic origins of transitional vertebrae and discusses their implications for clinical practice. True LSTV involve real structural changes at the lumbosacral junction, while numerical vertebral variations are simple count differences without transitional anatomy. Spines with 25 or 23 vertebrae might represent numerical anomalies when no transitional morphology is present. Lumbarization and sacralization should be strictly defined in the literature and related to the sacral and lumbar counts.\n\nIn the general discussion of Chapter 8 I conclude that concludes that transitional vertebrae in the lumbar spine constitute a significant source of diagnostic disagreement due to limitations and differences in clinical approaches to these patients. Improvement is achievable through multidisciplinary collaboration, full-spine imaging, uniformed counting protocols, and future AI models trained on anatomical variation.","auteur":"Bart Liebrand","auteur_slug":"bart-liebrand","publicatiedatum":"3 december 2026","taal":"EN","url_flipbook":"https:\/\/ebook.proefschriftmaken.nl\/ebook\/bartliebrand?iframe=true","url_download_pdf":"https:\/\/ebook.proefschriftmaken.nl\/download\/50114976-4a14-4013-add6-04bc2e67f998\/highres","url_epub":"","ordernummer":"19669","isbn":"9789465153292","doi_nummer":"10.54195\/9789465153292","naam_universiteit":"Radboud Universiteit","afbeeldingen":28256,"video_url":"","podcast_url":"","naam_student:":"","binnenwerk":"","universiteit":"Radboud Universiteit","cover":"","afwerking":"","cover_afwerking":"","design":""},"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio\/28251","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/types\/us_portfolio"}],"wp:featuredmedia":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/media\/28256"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=28251"}],"wp:term":[{"taxonomy":"university_us_portfolio","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/university_us_portfolio?post=28251"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}