{"id":16316,"date":"2026-07-24T14:28:42","date_gmt":"2026-07-24T12:28:42","guid":{"rendered":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/portfolio\/annemiek-hermans\/"},"modified":"2026-07-24T14:28:50","modified_gmt":"2026-07-24T12:28:50","slug":"annemiek-hermans","status":"publish","type":"us_portfolio","link":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/portfolio\/annemiek-hermans\/","title":{"rendered":"Annemiek Hermans"},"content":{"rendered":"","protected":true},"excerpt":{"rendered":"","protected":true},"author":7,"featured_media":16317,"comment_status":"closed","ping_status":"closed","template":"","meta":{"_acf_changed":false,"footnotes":""},"us_portfolio_category":[45],"class_list":["post-16316","us_portfolio","type-us_portfolio","status-publish","post-password-required","hentry","us_portfolio_category-new-template"],"acf":{"naam_van_het_proefschift":"Charged Encounters","samenvatting":"F\u2019s en bijbehorende kabels geen harde barri\u00e8res vormen voor aanwezigheid of verplaatsing. De hypothese van brede habitatvermijding kan daarmee worden verworpen, terwijl ruimte blijft voor subtielere gedragsveranderingen.\n\nHet proefschrift richt zich vervolgens op gecontroleerde laboratoriumexperimenten die levensfase specifieke gedragsveranderingen onderzoeken bij realistische blootstellings-cenario\u2019s. Hoofdstuk 4 onderzoekt de embryonale ontwikkeling van de stekelrog (Raja clavata) onder chronische blootstelling aan AC-EMV. Er werden geen effecten gevonden op uitkomstsucces, uitkomstgewicht of ontwikkelingsduur, maar wel een sterke toename in embryoactiviteit (150%), wat kan wijzen op verhoogde energiekosten en predatierisico. Bij de uitgekomen dieren werden significante maar beperkte biometrische verschillen (5\u201311%) vastgesteld.\n\nHoofdstuk 5 volgt deze individuen in het juveniele stadium en vergelijkt hen met de hondshaai (Scyliorhinus canicula). Juveniele die tijdens de embryonale ontwikkeling waren blootgesteld, vertoonden geen verschillen in stress of zwemgedrag ten opzichte van de controlegroep, en alle individuen leken in goede gezondheid. Deze resultaten geven aan dat vroege blootstelling niet heeft geleid tot duidelijke beperkingen in het juveniele stadium voor beide soorten. Er blijft echter een kennislacune bestaan met betrekking tot effecten op foerageren, navigatie en interacties met soortgenoten, en benadrukt dat subtiele gedragsveranderingen mogelijk niet voortduren in volgende levensstadia.\n\nHoofdstuk 6 onderzoekt de gedragsresponsen van volwassen hondshaaien die werden blootgesteld aan ruimtelijke gradi\u00ebnten van veld-relevante EMV\u2019s, waarmee de ervaring van het kruisen van een SPC werd gesimuleerd. Elk individu fungeerde als zijn eigen controle, en zowel AC- als DC-blootstellingen waren onderdeel van de proef. Er werd geen bewijs gevonden voor stressgedrag, aantrekking, vermijding of veranderingen in ruimtegebruik. Echter, onder DC-blootstelling verminderden de haaien hun activiteit met ~ 25%pt., wat wijst op een subtiele maar statistisch significante verandering in activiteitpatronen. Deze resultaten suggereren dat SPC\u2019s geen gedragsmatige barri\u00e8res vormen, maar dat met name DC-velden de bewegingsdynamiek kunnen be\u00efnvloeden.\n\nIn Hoofdstuk 7 is hetzelfde experimentele als in Hoofdstuk 6 uitgevoerd met de stekelrog (Raja clavata), waardoor een directe interspecifieke vergelijking mogelijk wordt. Net als bij de haaien vertoonden de roggen geen aantrekking of vermijding, geen duidelijke tekenen van stress en geen veranderingen in ruimtegebruik. Hidden Markov-modellering (HMM) toonde echter kleine maar statistisch significante geslacht specifieke reacties: vrouwtjes waren minder (~15%pt.) inactief en vertoonden meer transitiegedrag onder AC-blootstelling, terwijl mannetjes meer inactief waren (~14%pt.) onder zowel AC- als DC-condities, telkens vergeleken met de controleproeven. Deze bevindingen laten zien dat zelfs wanneer reacties subtiel zijn, gedragsmatige effecten kunnen verschillen tussen soorten en tussen de seksen, wat de beperkingen onderstreept van het extrapoleren van onderzoeksresultaten op basis van \u00e9\u00e9n modelsoort.\n\nHoofdstuk 8 onderzoekt of EMV het habitatgebruik be\u00efnvloedt van juveniele hondshaaien in een ronde voorkeursopstelling met kwadranten die een combinatie boden van met mosselen bedekt versus kaal substraat en met en zonder EMV-blootstelling. Er werden geen verschillen in substraatkeuze of ruimtegebruik gevonden, maar HMM-analyse toonde een significante maar subtiele toename in inactiviteit (5-6%pt.) in het kwadrant met zowel mosselen als EMV-blootstelling. Dit experiment levert aanvullend bewijs dat EMF waarschijnlijk niet leidt tot habitatvermijding op kleine ruimtelijke schaal, zelfs wanneer biologisch relevante habitatkenmerken aanwezig zijn. Dit onderstreept het belang van het onderzoeken van meer subtiele gedragsveranderingen in een natuurlijke setting.\n\nHoofdstuk 9 integreert deze empirische bevindingen binnen het ERA-raamwerk en beantwoordt de oorspronkelijke onderzoeksvragen. Ten eerste bevestigt het dat EMV-blootstellingsniveaus in zee over het algemeen lager zijn dan die in veel experimentele studies worden gebruikt, maar dat zij een hoge temporele variabiliteit tonen. Daarnaast wordt benadrukt dat zowel de ruimtelijke omvang als de kans op blootstelling naar verwachting zullen toenemen met de verdere ontwikkeling van offshore windenergie. Ten tweede laat het zien dat gedragseffecten, waar aanwezig, subtiel zijn, levensfase-afhankelijk en soort- en geslachtsspecifiek, zonder aanwijzingen voor sterke afschrikking- of barri\u00e8re effecten. Ten derde toont het aan dat het risico met name zit in het feit dat EMV een chronische, langdurige stressor is die over decennia en op grote ruimtelijke schaal aanwezig is, terwijl kennis over mogelijke habituatie ontbreekt. De ERA resulteert in risico co\u00ebffici\u00ebnten van 4,5-11,5 voor embryonale ontwikkeling en 9-32,5 voor lokaal verblijf bij AC, en 333-667 voor lokaal verblijf en 200-400 voor migratie bij DC.\n\nGezien de heterogeniteit in reacties tussen soorten introduceert Hoofdstuk 9 een Relative Vulnerability Assessment (RVA), gebaseerd op levensgeschiedeniskenmerken om te identificeren welke rog en haai soorten het meest kwetsbaar zijn voor EMV-blootstelling. Dit raamwerk toont dat ovipare, benthische en residente soorten, zoals grote roggen, een hogere risicogroep vormen voor de levensfasen embryonale ontwikkeling en lokaal verblijf. Daarentegen lopen de meeste haaiensoorten, die meer migrerend zijn, vooral risico tijdens migratie. De RVA maakt interspecifieke verschillen inzichtelijk, identificeert belangrijke kennislacunes en biedt een transparant instrument voor het prioriteren van toekomstig onderzoek en het informeren van natuurbeheer.\n\nAlgemene conclusies en implicaties: Gezamenlijk laat dit proefschrift zien dat EMV van SPC migratieroutes niet blokkeren, geen sterke acute stressreacties veroorzaken en niet leiden tot grootschalig habitatverlies voor benthische elasmobranchen in de Noordzee. Desondanks treden er subtiele, contextafhankelijke gedragsmatige effecten op, die vari\u00ebren per levensfase, soort en geslacht. Omdat EMV een chronische stressor is die over lange temporele en ruimtelijke schalen werkzaam is, kunnen zelfs kleine veranderingen op individueel niveau zich in de tijd opstapelen en interageren met andere antropogene drukfactoren.","summary":"Offshore wind farms (OWFs) and associated cables do not form hard barriers for the presence or movement of benthic elasmobranchs. The hypothesis of broad habitat avoidance can thus be rejected, while room remains for more subtle behavioral changes.\n\nThe thesis then focuses on controlled laboratory experiments investigating life-stage specific behavioral changes under realistic exposure scenarios. Chapter 4 examines the embryonic development of the thornback ray (Raja clavata) under chronic exposure to AC electromagnetic fields (EMF). No effects were found on hatching success, weight at hatching, or development duration, but a strong increase in embryo activity (150%) was observed, which could indicate increased energy costs and predation risk. In the hatched animals, significant but limited biometric differences (5\u201311%) were identified.\n\nChapter 5 follows these individuals into the juvenile stage and compares them with the small-spotted catshark (Scyliorhinus canicula). Juveniles exposed during embryonic development showed no differences in stress or swimming behavior compared to the control group, and all individuals appeared to be in good health. These results indicate that early exposure did not lead to clear limitations in the juvenile stage for both species. However, a knowledge gap remains regarding effects on foraging, navigation, and interactions with conspecifics, emphasizing that subtle behavioral changes may not persist in subsequent life stages.\n\nChapter 6 investigates the behavioral responses of adult small-spotted catsharks exposed to spatial gradients of field-relevant EMFs, simulating the experience of crossing a subsea power cable (SPC). Each individual served as its own control, and both AC and DC exposures were part of the trial. No evidence was found for stress behavior, attraction, avoidance, or changes in space use. However, under DC exposure, the sharks reduced their activity by approximately 25 percentage points, indicating a subtle but statistically significant change in activity patterns. These results suggest that SPCs do not form behavioral barriers, but DC fields in particular can influence movement dynamics.\n\nIn Chapter 7, the same experimental setup as in Chapter 6 was performed with the thornback ray (Raja clavata), allowing for a direct interspecific comparison. As with the sharks, the rays showed no attraction or avoidance, no clear signs of stress, and no changes in space use. However, Hidden Markov Modeling (HMM) showed small but statistically significant sex-specific responses: females were less (~15% pt.) inactive and showed more transition behavior under AC exposure, while males were more inactive (~14% pt.) under both AC and DC conditions compared to control trials. These findings show that even when responses are subtle, behavioral effects can differ between species and sexes.\n\nChapter 8 examines whether EMF affects the habitat use of juvenile small-spotted catsharks in a preference setup with quadrants offering a combination of mussel-covered versus bare substrate with and without EMF exposure. No differences in substrate choice or space use were found, but HMM analysis showed a significant but subtle increase in inactivity (5-6% pt.) in the quadrant with both mussels and EMF exposure. This experiment provides additional evidence that EMF likely does not lead to habitat avoidance on a small spatial scale.\n\nChapter 9 integrates these empirical findings within the Ecological Risk Assessment (ERA) framework. It confirms that EMF exposure levels at sea are generally lower than those used in many experimental studies but show high temporal variability. It emphasizes that both spatial extent and exposure probability are expected to increase with the further development of offshore wind energy. Behavioral effects, where present, are subtle and dependent on life stage, species, and sex. The main risk lies in the chronic, long-term nature of EMF as a stressor present over decades and large spatial scales.\n\nGiven the heterogeneity in responses, Chapter 9 introduces a Relative Vulnerability Assessment (RVA) based on life history traits to identify which ray and shark species are most vulnerable. This framework shows that oviparous, benthic, and resident species, such as large skates, form a higher risk group for embryonic development and local residency, whereas migratory shark species are primarily at risk during migration.","auteur":"Annemiek Hermans","auteur_slug":"annemiek-hermans","publicatiedatum":"28 augustus 2026","taal":"NL","url_flipbook":"https:\/\/ebook.proefschriftmaken.nl\/ebook\/annemiekhermans?iframe=true","url_download_pdf":"https:\/\/ebook.proefschriftmaken.nl\/download\/99eac036-6015-4160-a581-29389b627450\/optimized","url_epub":"","ordernummer":"18387","isbn":"","doi_nummer":"","naam_universiteit":"Wageningen University","afbeeldingen":16318,"naam_student:":"","binnenwerk":"","universiteit":"Wageningen University","cover":"","afwerking":"","cover_afwerking":"","design":""},"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio\/16316","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/types\/us_portfolio"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/users\/7"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=16316"}],"version-history":[{"count":1,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio\/16316\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":16319,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio\/16316\/revisions\/16319"}],"wp:featuredmedia":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/media\/16317"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=16316"}],"wp:term":[{"taxonomy":"us_portfolio_category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio_category?post=16316"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}