{"id":15647,"date":"2026-06-01T08:20:32","date_gmt":"2026-06-01T08:20:32","guid":{"rendered":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/portfolio\/fleur-jansen\/"},"modified":"2026-06-10T13:15:02","modified_gmt":"2026-06-10T13:15:02","slug":"fleur-jansen","status":"publish","type":"us_portfolio","link":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/portfolio\/fleur-jansen\/","title":{"rendered":"Fleur Jansen"},"content":{"rendered":"","protected":false},"excerpt":{"rendered":"","protected":false},"author":7,"featured_media":15648,"comment_status":"closed","ping_status":"closed","template":"","meta":{"_acf_changed":false,"footnotes":""},"us_portfolio_category":[45],"class_list":["post-15647","us_portfolio","type-us_portfolio","status-publish","has-post-thumbnail","hentry","us_portfolio_category-new-template"],"acf":{"naam_van_het_proefschift":"In vitro insights into dietary advanced glycation end products and their impact on intestinal health","samenvatting":"Het bruiningsproces dat bereide voedingsmiddelen hun karakteristieke aroma's, smaken en texturen geeft, staat bekend als de Maillard reactie. Deze niet-enzymatische reactie tussen eiwitten en suikers, ook wel eiwitglycatie genoemd, leidt tot de vorming van covalente adducten op lysine- en arginineresiduen. Deze heterogene groep verbindingen wordt gezamenlijk aangeduid als geavanceerde glycatie eindproducten (advanced glycation end products; AGEs). Na de ontdekking van geglyceerd hemoglobine (HbA1c) als diagnostische marker voor diabetes in de jaren zestig werd duidelijk dat endogene eiwitglycatie een rol speelt bij menselijke ziekten. Dit leidde tot vragen over de veiligheid van AGEs uit de voeding. Deze zorgen namen verder toe toen een hoge consumptie van van bewerkte voedingsmiddelen binnen het westerse dieet in verband werd gebracht met een verhoogd risico op dezelfde welvaartsziekten.\nAGEs uit de voeding komen het lichaam binnen via het maag-darmkanaal. Na vertering worden ze voornamelijk geabsorbeerd in de vorm van vrije AGEs of dipeptiden. De huidige literatuur over de gezondheidseffecten van een hoge inname van AGEs richt zich daarom voornamelijk op de systemische effecten van deze biologisch beschikbare vormen. Alleen eiwitgebonden AGEs zijn echter in staat te binden aan de receptor voor AGEs (RAGE), die betrokken is bij ontstekingssignalering. In dit kader zou de darm mogelijk het enige weefsel kunnen zijn dat direct wordt blootgesteld aan deze onverteerde geglyceerde eiwitten. Hun effecten op de darm zijn echter grotendeels onbekend. Aangezien darmgezondheid een cruciale rol speelt in het algemene welzijn zouden dergelijke interacties van invloed kunnen zijn op systemische gezondheidsuitkomsten. Daarom was het doel van dit proefschrift om, met behulp van in vitro modellen, meer inzicht te krijgen in de wijze waarop intacte geglyceerde voedingseiwitten de darmgezondheid be\u00efnvloeden.\nBelangrijkste bevindingen\nEerder gepubliceerde in vitro studies naar de pro-inflammatoire effecten van geglyceerde voedingseiwitten op het darmepitheel kennen verschillende methodologische beperkingen en dienen daarom met voorzichtigheid te worden ge\u00efnterpreteerd. Dit staat beschreven in hoofdstuk 2. Belangrijke aandachtspunten zijn de beperkte chemische karakterisering van de geglyceerde monsters, waaronder onvoldoende kwantificering van endotoxinen, en het ontbreken van geschikte positieve controles voor RAGE activatie. De daaropvolgende hoofdstukken van dit proefschrift waren gericht op het wegnemen van deze onzekerheden. In hoofdstuk 3 werd aangetoond dat zowel monomeren als aggregaten van onverteerde geglyceerde eiwitten (beta-lactoglobuline) een conventionele lucht-vloeistofinterface-monolaag, die het ileale villusepitheel nabootst, kunnen passeren, waarschijnlijk via paracellulair transport. Deze bevinding stelt de heersende opvatting  ter discussie dat onverteerde geglyceerde eiwitten niet biologisch beschikbaar zijn en suggereert dat zij mogelijk kunnen interacteren met celtypen voorbij het epitheel, zoals intestinale immuuncellen. Aangezien wordt verondersteld dat deze geglyceerde eiwitten ontstekingsreacties kunnen veroorzaken via interactie met RAGE werd dit in hoofdstuk 4 verder onderzocht. Hierbij werden enkele opmerkelijke bevindingen gedaan. Allereerst bleek RAGE in meerdere cel modellen voornamelijk intracellulair tot expressie te komen, terwijl substanti\u00eble expressie aan het celoppervlak alleen werd waargenomen in specifieke in vitro modellen, zoals in M-CSF gedifferentieerde M0-macrofagen. Daarnaast leidde het neutraliseren van de endotoxine lipopolysaccharide (LPS) vrijwel volledig tot het verdwijnen van de geobserveerde ontstekingsreacties die eerder werden toegeschreven aan de geglyceerde voedingseiwitten. Dit was opmerkelijk aangezien de endotoxine gehaltes in de monsters, gemeten met gangbare kwantificeringsmethoden, als verwaarloosbaar konden worden beschouwd. Daarentegen had behandeling met een RAGE antagonist geen effect op deze reacties, wat suggereert dat LPS in dergelijke experimenten als verstorende factor kan optreden, en trad er na stimulatie met bekende RAGE agonisten zoals HMGB1 en A\u03b2-42) geen ontstekingsreactie op. Dit riep de vraag op of LPS mogelijk fungeert als noodzakelijke cofactor voor RAGE activatie. Deze hypothese werd onderzocht in hoofdstuk 5, maar de verkregen resultaten waren niet eenduidig: RAGE agonisten versterkten de pro-inflammatoire werking van LPS niet in het eerder genoemde macrofaag model, maar incidentieel werd er wel een toename van NF-\u03baB activiteit in NF-\u03baB reportercellen. Zulke effecten bleken echter niet consistent reproduceerbaar en ging bovendien niet gepaard met een verhoogde productie van pro-inflammatoire cytokinen, zoals op basis van de hypothese verwacht zou worden. Dit suggereert dat mogelijk een alternatieve respons betrokken is.   \nDiscussie en conclusie\nOp basis van de belangrijkste bevindingen van dit proefschrift wordt verondersteld dat RAGE-afhankelijke ontstekingsreacties waarschijnlijk een combinatie van stimuli vereisen. Dit suggereert dat geglyceerde voedingseiwitten op zichzelf vermoedelijk geen ontstekingsreacties veroorzaken bij gezonde individuen. Verder kan glycatie van voedingseiwitten in een bredere context bijdragen aan een verminderde beschikbaarheid van het essentiele aminozuur lysine. Bovendien zijn er aanwijzingen dat sommige geabsorbeerde vrije AGEs nefrotoxische effecten kunnen hebben. Zoals besproken in hoofdstuk 6 lijken de gezondheidseffecten van een dieet met een hoge glycemische index en de endogene AGE-vorming echter aanzienlijk sterker en beter onderbouwd. Vanuit dit perspectief lijkt de maatschappelijke relevantie van verder onderzoek naar AGEs uit voeding, met name binnen gezonde populaties, beperkt.","summary":"The browning process that gives cooked foods their appealing aromas, flavors and textures is known as the Maillard reaction. This non-enzymatic reaction between proteins and sugars, also referred to as protein glycation, leads to the formation of covalent adducts on lysine and arginine residues; a heterogenous group of compounds collectively called advanced glycation end products (AGEs). Following the discovery of glycated hemoglobin (HbA1c) as a diagnostic marker for diabetes in the 1960s, endogenous protein glycation was shown to be relevant to human disease, which subsequently raised concerns about the safety of dietary AGEs. These concerns were reinforced when high consumption of processed foods in the Western diet became associated with an increased risk of the same non-communicable diseases. \n\nDietary AGEs enter the body through the digestive tract. After digestion, they are mainly absorbed as free AGEs or dipeptides, and current literature on the health effects of high AGE intake therefore predominantly focuses on the systemic effects of these bioavailable forms. However, only protein-bound AGEs are able to bind to the receptor for AGEs (RAGE), which is involved in inflammatory signaling. In this context, the intestine would be the primary target organ, as it might be the only tissue to encounter undigested glycated dietary proteins. However, their impact at the intestinal level remains largely unknown. Yet, intestinal health is known to play a key role in general wellbeing, so this interaction might be of influence to systemic health outcomes. Therefore, the aim of this thesis was to increase our understanding of how intact dietary glycated proteins affect intestinal health at the epithelium and immune level, using in vitro models. \n\nMain findings\nThe currently available in vitro studies on the inflammatory effects of glycated dietary proteins on the intestinal epithelium face multiple methodological limitations and should therefore be interpreted with caution (Chapter 2). Key concerns include the limited chemical characterization of the glycated samples, including insufficient endotoxin quantification, and the absence of appropriate positive controls for RAGE activation. The subsequent chapters of this thesis aimed to address these uncertainties. In Chapter 3, both monomers and aggregates of undigested glycated proteins (beta-lactoglobulin) were shown to cross a conventional air-liquid interface monolayer, mimicking the ileal villous epithelium, most likely via paracellular transport. This finding challenges the prevailing assumption that undigested glycated proteins are not bioavailable, leaving open the possibility that they might interact with cell types beyond the epithelium, for example intestinal immune cells. Since protein-bound AGEs are thought to induce inflammation through interaction with RAGE, these glycated proteins were subsequently tested on primary immune cells in Chapter 4. Some notable observations emerged. First, RAGE appeared predominantly expressed intracellularly across multiple cell models, while RAGE was only substantially expressed on the cell surface of specific in vitro models, for example in M-CSF differentiated M0 macrophages. Second, LPS scavenging drastically reduced the inflammatory responses attributed to glycated dietary proteins, despite endotoxin levels being considered neglectable based on common quantification methods. In contrast, a RAGE antagonist did not attenuate these responses, suggesting that LPS may act as a confounding factor in such experiments. Furthermore, stimulation with known RAGE agonists (e.g. HMGB1 or A\u03b2-42) did not induce an inflammatory response, raising the question whether LPS might function as a necessary co-factor in RAGE-mediated processes. This hypothesis was explored in Chapter 5, but the preliminary results obtained were mixed. RAGE agonists did not enhance the inflammatory potency of LPS in the primary cell model used previously, but occasional amplification of NF-kB activity was observed in NF-kB-reporter cells. This result was however not consistently reproducible and was not accompanied by increased pro-inflammatory cytokines production, as would be expected, suggesting that alternative downstream outcome may be involved. \n\nDiscussion and conclusion\nBased on the main findings of this thesis, it is proposed that a combination of stimuli is required to induce RAGE-dependent inflammatory signalling, suggesting that glycated dietary proteins alone are unlikely to induce inflammation in healthy individuals. When placed in the broader context of dietary AGE consumption and its implications for human health, glycation can also contribute to lysine deficiency and some absorbed free AGEs (particularly HMGB1) are suggested to exert nephrotoxic effects. However, as discussed in Chapter 6, the consequences of a high-GI diet and endogenous AGE formation appear to be far more pronounced. From this perspective, the societal relevance of further dietary AGE research, particularly in healthy populations, seems limited.","auteur":"Fleur Jansen","auteur_slug":"fleur-jansen","publicatiedatum":"9 juli 2026","taal":"EN","url_flipbook":"https:\/\/ebook.proefschriftmaken.nl\/ebook\/fleurjansen?iframe=true","url_download_pdf":"https:\/\/ebook.proefschriftmaken.nl\/download\/0daa82dc-cf82-4e36-bfb5-95584f39e256\/optimized","url_epub":"","ordernummer":"19056","isbn":"","doi_nummer":"","naam_universiteit":"Wageningen University","afbeeldingen":15649,"naam_student:":"","binnenwerk":"","universiteit":"Wageningen University","cover":"","afwerking":"","cover_afwerking":"","design":""},"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio\/15647","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/types\/us_portfolio"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/users\/7"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=15647"}],"version-history":[{"count":1,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio\/15647\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":15650,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio\/15647\/revisions\/15650"}],"wp:featuredmedia":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/media\/15648"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=15647"}],"wp:term":[{"taxonomy":"us_portfolio_category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio_category?post=15647"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}