{"id":11126,"date":"2026-04-13T07:24:47","date_gmt":"2026-04-13T07:24:47","guid":{"rendered":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/portfolio\/isabella-marinetti\/"},"modified":"2026-04-21T07:26:26","modified_gmt":"2026-04-21T07:26:26","slug":"isabella-marinetti","status":"publish","type":"us_portfolio","link":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/portfolio\/isabella-marinetti\/","title":{"rendered":"Isabella Marinetti"},"content":{"rendered":"","protected":true},"excerpt":{"rendered":"","protected":true},"author":7,"featured_media":11128,"comment_status":"closed","ping_status":"closed","template":"","meta":{"_acf_changed":false,"footnotes":""},"us_portfolio_category":[45],"class_list":["post-11126","us_portfolio","type-us_portfolio","status-publish","post-password-required","hentry","us_portfolio_category-new-template"],"acf":{"naam_van_het_proefschift":"Effects of short-term events on mortality in Europe","samenvatting":"Kortdurende fluctuaties in de sterfte als gevolg van epidemie\u00ebn, seizoensschommelingen, extreme temperaturen en economische crises hebben grote gevolgen voor de volksgezondheid. Het beoordelen van de effecten van deze kortdurende fluctuaties is essentieel voor de monitoring van gezondheid en sterfte. Deze fluctuaties verkorten niet alleen de jaarlijkse levensverwachting maar stellen ook de veerkracht en het aanpassingsvermogen aan toekomstige schokken, zoals klimaatsverandering, vergrijzing en nieuwe epidemie\u00ebn, op de proef. Belangrijk is dat de effecten ongelijk verdeeld zijn: sociaaleconomische omstandigheden, de kwaliteit van de gezondheidszorg, de demografische samenstelling van populaties en beleidsmaatregelen bepalen hoe de nationale en regionale populaties deze gebeurtenissen ervaren.\r\n\r\nHoewel kortdurende gebeurtenissen evident relevant zijn voor de volksgezondheid, concentreerden de meeste studies zich op nationale populaties en de effecten van kortdurende gebeurtenissen op de totale sterftecijfers. Daarbij worden vaak jaarlijkse gegevens gebruikt en richt het onderzoek zich op het effect van eenmalige gebeurtenissen zoals griepepidemie\u00ebn, hittegolven en de COVID-19-pandemie. Ze bieden daardoor beperkt inzicht in heterogeniteit binnen landen, regionale ongelijkheden en het aandeel van specifieke doodsoorzaken in de waargenomen oversterfte.\r\n\r\nHet hoofddoel van dit proefschrift was het opvullen van deze lacune door na te gaan hoe kortdurende fluctuaties in de sterfte doorwerken op de levensverwachting en het sterfteniveau, op sterftetrends en op regionale sterfteongelijkheden in Europa.\r\n\r\nVoor het proefschrift is gekozen voor een integrale, systematische aanpak, is een nieuw methodologisch raamwerk ontwikkeld om de kortetermijndynamiek van sterfte in de Europese context te bestuderen, en is gebruikgemaakt van recente, geharmoniseerde, hoogfrequente (wekelijkse en maandelijkse) sterftegegevens. Door deze aanpak konden we het effect van kortdurende sterftegebeurtenissen op zowel het sterfteniveau als ontwikkelingen daarin over tijd vaststellen, konden we rekening houden met de heterogeniteit tussen regio\u2019s en konden we de doodsoorzaakspecifieke patronen achter de waargenomen oversterfte onderzoeken.\r\n\r\nHoofdstuk 1 bevat de achtergrond en de doelstellingen van dit proefschrift alook een beschrijving van het huidige onderzoek naar kortdurende gebeurtenissen en het effect daarvan op de sterfte.\r\n\r\nHoofdstuk 2 bevat een analyse van het effect van kortdurende gebeurtenissen op de levensverwachting en trends daarin in 20 Europese landen van 2000 tot 2019. Aan de hand van het Short-term Mortality Fluctuations (STMF@HMD) databestand konden we inschatten in hoeverre seizoensgebonden sterfte van invloed is op de levensverwachting in Europa. De seizoenseffecten op de levensverwachting, geschat aan de hand van de oversterfte benadering, bleken stelselmatig groot voor de gehele onderzochte periode. De studie bracht daarnaast aanzienlijke verschillen tussen landen wat betreft de impact van seizoensgebonden sterfte aan het licht. Oversterfte in de winter bleek het grootste effect op de levensverwachting te hebben, terwijl oversterfte in de zomer een kleiner effect had. De grootste impact van wintersterfte werd waargenomen in Zuid- en Oost-Europa. De bijdrage van seizoensgebonden oversterfte in de trends over tijd in de levensverwachting bleek slechts marginaal, wat duidt op een gebrek aan vooruitgang in de 21e eeuw in het terugdringen van de gezondheidslast van seizoensinvloeden.\r\n\r\nIn hoofdstuk 3 van dit proefschrift werden subnationale verschillen in het effect van COVID-19 op de sterfte in Duitsland in 2020 en 2021 geanalyseerd. Het beoordelen van het effect van COVID-19 op de levensverwachting was een lastige taak vanwege de kwaliteit van de epidemiologische gegevens en problemen bij het bepalen van de beste methodologie om de druk ervan op de sterfte te kwantificeren. In dit onderzoeksverslag hebben we een coherent methodologisch raamwerk gebruikt voor de berekening van de oversterfte als gevolg van COVID-19 in de Duitse deelstaten. Hoewel Duitsland een van de Europese landen met de laagste oversterftecijfers is, zijn er substanti\u00eble verschillen waargenomen in het effect van de pandemie op de levensverwachting in de Duitse deelstaten. Deze heterogeniteit nam tussen 2020 en 2021 toe, vooral onder mannen, met name als gevolg van een sterker verlies in levensjaren in de oostelijke regio\u2019s. De verschillen in de effecten hingen nauw samen met de ruimtelijke verspreiding van het virus aan het begin van de pandemie en, vervolgens, de reeds bestaande ongelijkheden op sociaaleconomisch en gezondheidszorggebied. In de Oost-Duitse deelstaten was de vaccinatiegraad lager, werden isolatiemaatregelen minder goed nageleefd en was de sociaaleconomische situatie slechter dan in de West-Duitse deelstaten.\r\n\r\nIn hoofdstuk 4 is nagegaan in hoeverre seizoensgebonden oversterfte de levensverwachting op regionaal niveau in Itali\u00eb heeft verkort en is onderzocht hoe deze effecten in de jaren 2005-2019 hebben bijgedragen aan ruimtelijke onelijkheid in de levensverwachting in Itali\u00eb. We hebben wekelijkse en maandelijkse sterftegegevens per regio en per groep regio\u2019s in Itali\u00eb gebruikt alsook een seizoensgebonden decompositie methode ontwikkeld om de bijdrage van seizoensinvloeden op regionale sterfteongelijkheden te bepalen. We namen substanti\u00eble verschillen in de effecten binnen het land waar. De zuidelijke regio\u2019s en de eilanden ondervonden meer invloed van seizoensgebonden sterfte, met name tijdens de wintermaanden. Het onderzoek toonde ook aan dat geografische verschillen in de levensverwachting teruggedrongen kunnen worden door het elimineren van seizoensgebonden oversterfte, vooral die tijdens de winter.\r\n\r\nIn hoofdstuk 5 is ingegaan op de derde subdoelstelling van dit proefschrift door de bijdrage van doodsoorzaakspecifieke sterfte in kortdurende oversterfte in Itali\u00eb tussen 2004 en 2019 te analyseren. Met behulp van maandelijkse sterftegegevens per doodsoorzaak konden we doodsoorzaakspecifieke patronen van seizoensgebonden sterfte en het aandeel daarvan in de totale seizoensgebonden sterfte in het land bepalen. Uit de bevindingen bleek dat de oversterfte per doodsoorzaak verschilde en dat bepaalde doodsoorzaken uitgesproken seizoensgebonden patronen lieten zien. Oversterfte door hartaandoeningen was de voornaamste aanjager van de totale oversterfte, met name als gevolg van de dominante rol daarvan tijdens de wintermaanden. Anderzijds vertoonde sterfte door ademhalingsaandoeningen de hoogste relatieve afwijkingen van de referentieniveaus. Mannen ondervonden een grotere invloed van de sterftefluctuaties, zowel voor totale sterfte als voor de verschillende specifieke doodsoorzaken. We vonden geen afname over tijd in het effect van de doodsoorzaakspecifieke seizoensgebonden pieken, wat duidt op een toenemende of onverminderde seizoensgerelateerde gezondheidslast voor sommige doodsoorzaken.\r\n\r\nHoofdstuk 6, tot slot, bevat een samenvatting van de resultaten, een algemene bespreking van en toelichting op de belangrijkste resultaten, een reflectie op de sterke en zwakke punten van het proefschrift en de gebruikte methoden, en aanbevelingen voor toekomstig onderzoek en beleidsmakers.\r\n\r\nSamenvattend laat dit proefschrift zien dat kortdurende fluctuaties in de sterfte de levensverwachting substantieel hebben verkort en een significante rol hebben gespeeld in het vergroten van regionale sterfteongelijkheden in Europa in de afgelopen decennia, met name door toedoen van wintersterfte. Tegelijkertijd is er geen effect van kortdurende fluctuaties in de sterfte op de ontwikkelingen over tijd in de levensverwachting en het sterfteniveau waargenomen. Zowel de COVID-19-pandemie in Duitsland als de seizoensgebonden sterfte in Itali\u00eb hebben de ruimtelijke ongelijkheden verergerd, met name in de Oost-Duitse deelstaten en in de zuidelijke regio\u2019s en de eilanden van Itali\u00eb. Uit doodsoorzaakspecifiek onderzoek voor Itali\u00eb is gebleken dat hart- en vaatziekten en luchtwegaandoeningen de primaire aanjagers van seizoensgebonden oversterfte zijn. De seizoensgebonden patronen van de doodsoorzaken bleven stabiel over tijd ondanks de medische vooruitgang.\r\n\r\nDe substanti\u00eble verkorting van de levensverwachting die tijdens kortdurende fluctuaties in de sterfte in heel Europa werd waargenomen, is primair toe te schrijven aan seizoensgebonden sterfte en, meer recentelijk, aan de COVID-19-pandemie. De herhaalde oversterfte in de winter in alle Europese landen geeft aan dat er beperkte vooruitgang is geboekt bij het verminderen van het effect van seizoensgebonden gezondheidsrisico\u2019s, met name als gevolg van griepepidemie\u00ebn. Ondanks de ontwikkelingen in de gezondheidszorg, de vaccinatiegraad en woonomstandigheden blijft wintersterfte een structurele en hardnekkige factor van de Europese sterftepatronen. Deze stagnatie is waarschijnlijk het gevolg van twee elkaar compenserende factoren: een betere infrastructuur en betere medische zorg hebben ons minder gevoelig gemaakt voor kou, maar vergrijzing en toenemende klimaatvariabiliteit hebben gezorgd voor een sterkere blootstelling en een grotere gevoeligheid voor seizoensgebonden risico\u2019s. Influenzagerelateerde factoren, zoals het ontstaan van nieuwe (genetische) varianten, de wisselende doeltreffendheid van vaccins en de timing van epidemiegolven, blijven een aandeel hebben in het hardnekkige effect van sterfte in de winter.\r\n\r\nDe analyses op regionaal en landelijk niveau hebben aangetoond dat gebieden met slechtere woonomstandigheden, een lagere vaccinatiegraad, een zwakker gezondheidszorgstelsel en, in algemene zin, ongunstigere sociaaleconomische omstandigheden, tijdens winters met een hoge sterfte grotere verliezen in de levensverwachting hebben ervaren. Dit duidt op een hogere kwetsbaarheid van deze subpopulaties wat resulteert in een significant aandeel van seizoensgebonden sterfte in regionale verschillen in de sterftecijfers, zoals in Itali\u00eb werd waargenomen. De bevindingen geven ook aan dat kortdurende fluctuaties in de sterfte primair veroorzaakt werden door cardiorespiratoire aandoeningen, die de belangrijkste oorzaken van oversterfte in de wintermaanden bleven. Deze resultaten geven aan dat, hoewel de totale sterfte door de medische vooruitgang is teruggedrongen, de gevoeligheid van de populatie voor seizoensgebonden schokken niet is verminderd, wat resulteert in een hogere kwetsbaarheid voor cardiorespiratoire aandoeningen. De effecten van deze kortdurende gebeurtenissen op de sterfte lijken echter vooral invloed te hebben op de jaarlijkse sterftecijfers en niet zozeer op de langetermijntrends, en hebben een tijdelijk maar cyclisch karakter.\r\n\r\nDit proefschrift draagt bij aan de bestaande literatuur door diepgaand inzicht te geven in de invloed van kortdurende fluctuaties op sterftecijfers, sterftetrends en regionale sterfteongelijkheden in Europa. Deze studie is innovatief omdat i) er een integrale aanpak is gebruikt om zowel sterftecijfers als sterftetrends te analyseren, landen in Europa met elkaar te vergelijken, regionale ongelijkheden te onderzoeken, alle vier seizoenen te betrekken, en doodsoorzaakspecifieke gegevens te integreren, ii) er een nieuw methodologisch raamwerk is ontwikkeld om intra-jaarlijkse oversterfte te bepalen en de bijdrage van kortdurende gebeurtenissen in de totale sterftecijfers, -trends en ongelijkheden te kwantificeren, en iii) er recent beschikbare, hoogwaardige gegevensreeksen zijn benut om ons inzicht in de dynamiek van kortdurende sterfte en in sterfteongelijkheden in de 21e eeuw te verdiepen.\r\n\r\nDit proefschrift biedt nieuwe inzichten in het belang van kortdurende gebeurtenissen voor de demografie en de volksgezondheid en benadrukt het belang om met kortdurende gebeurtenissen rekenign te houden bij de bestudering van huidige sterftedynamiek en -ongelijkheden. Er zijn niettemin enkele beperkingen. Het onderzoek is beperkt tot de 21e eeuw vanwege een beperkte data beschikbaarheid. Dit staat een analyse van hoe fluctuaties in de sterfte zich gedurende langere historische perioden hebben ontwikkeld in de weg waardoor eventueel belangrijke vroegere epidemiologische ontwikkelingen niet gedetecteerd konden worden. De resultaten zijn afhankelijk van het construeren van een zogeheten \u2018counterfactual baseline scenario\u2019, dat alleen per benadering kan. Het gebruik van zeer gedetailleerde gegevens (maandelijks, regionaal, doodsoorzaakspecifiek) zorgt voor meer toevallige afwijkingen die de schattingen minder robuust maken. De demografische benadering is, ten slotte, zoals elke ecologische studie, meer gericht op sterfte uitkomsten dan op onderliggende mechanismen, zoals blootstelling aan omgevingsfactoren, sociaaleconomische kwetsbaarheden of gezondheidszorgfactoren. Om de complexe interacties achter kortdurende fluctuaties in de sterfte volledig te kunnen begrijpen, zijn dan ook rijkere gegevens, voor een langere periode, alsook aanvullende epidemiologische methodologie\u00ebn nodig.\r\n\r\nDe bevindingen van dit proefschrift hebben belangrijke implicaties voor het volksgezondheidsbeleid in Europa. Ze benadrukken dat kortdurende fluctuaties in de sterfte, al dan niet veroorzaakt door seizoensgebonden verschillen of epidemie\u00ebn, zowel een integrale component van de dynamiek van de volksgezondheid vormen als uitzonderlijke afwijkingen in de sterfte weerspiegelen, zoals in het geval van COVID-19. De aanpak van de daaraangerelateerde sterfterisico\u2019s vereist zowel structurele als adaptieve maatregelen. Enerzijds moeten langetermijnstrategie\u00ebn gericht zijn op het verminderen van de kwetsbaarheid door middel van verbeterde huisvesting, vaccinatiegraad en rechtvaardige toegang tot de gezondheidszorg met behulp van gerichte steun van nationale en Europese instanties (financiering, inzet van personeel en infrastructurele investeringen). Anderzijds blijft het vergroten van de paraatheid van het gezondheidszorgstelsel en het snel kunnen reageren op opkomende crises, zoals pandemie\u00ebn of extreme temperaturen, essentieel. Aangezien regionale sterfteongelijkheden duiden op verschillen in demografische, sociaaleconomische, gezondheidszorg- en beleidsmaatregelen, zijn regionale, op maat gemaakte volksgezondheidsstrategie\u00ebn ook essentieel, met name in de meest getroffen gebieden, zoals Zuid- en Oost-Europa, de zuidelijke regio\u2019s en de eilanden van Itali\u00eb en Oost-Duitsland, en de meest getroffen subpopulaties, zoals ouderen en mensen met cardiorespiratoire aandoeningen. Daarnaast is het versterken van systemen voor het zeer frequent monitoren van sterfte en het harmoniseren van sterfterapportages in Europa waardevol voor het inzetten van tijdige interventies en voor een betere planning van de volksgezondheid.\r\n\r\nHet verminderen van de sterftelast van kortdurende gebeurtenissen zou niet alleen de totale volksgezondheid en veerkracht verbeteren, maar ook bijdragen aan een vermindering van regionale en sociale ongelijkheden in de levensverwachting. In die zin benadrukken de resultaten van dit proefschrift de behoefte aan een meer ge\u00efntegreerde benadering van de demografie en de volksgezondheid, waarbij de effecten van kortdurende fluctuaties in de sterfte worden ge\u00efntegreerd in langetermijnonderzoek naar sterfte, beleidsontwikkeling en paraatheid van het gezondheidsstelsel.","summary":"Short-term mortality fluctuations due to epidemics, seasonal fluctuations, extreme temperatures, and economic crises have important impacts on overall population health. Assessing their effects is essential for monitoring health and mortality. Such fluctuations not only decrease annual life expectancy, but also present challenges for resilience and adaptation to future shocks, such as climate risk, demographic ageing, and new epidemics. Importantly, their impact is not evenly distributed: socioeconomic conditions, healthcare capacity, demographic structure, and policy responses all shape how national and regional populations experience these events.\r\n\r\nDespite the clear relevance of short-term events to public health, most existing studies have focused on national populations and on the effects of such events on overall mortality levels, often using annual data and examining the impact of single events such as influenza epidemics, heatwaves, or the COVID-19 pandemic. As a result, they provide limited insight into within-country heterogeneity, regional inequalities, and the contributions of specific causes of death to observed excess mortality.\r\n\r\nThe main objective of this thesis was to fill this gap by assessing how short-term mortality fluctuations shape life expectancy and mortality levels, mortality trends, and regional mortality inequalities in Europe.\r\n\r\nThe thesis adopted a comprehensive and systematic approach, developed a novel methodological framework to study short-term mortality dynamics in the European context, and exploited recent, harmonised, high-frequency (weekly and monthly) mortality data. The approach used captured the impact of short-term mortality events on both mortality levels and trends over time, accounted for heterogeneity across regions, and examined the cause-specific patterns underlying the observed excess mortality.\r\n\r\nChapter 1 presented the background and the objectives of this PhD thesis, and described the current state-of-the-art of research on short-term events and their mortality impact.\r\n\r\nChapter 2 analysed the impact of short-term events on life expectancy levels and trends across 20 European countries from 2000 to 2019. Using the Short-Term Mortality Fluctuations data series, we estimated the extent to which seasonal mortality affects life expectancy in Europe. The excess mortality approach provided estimates of the seasonal impacts on life expectancy that were systematically large for the whole analysed period. The study revealed significant cross-country variations in the contributions of seasonal mortality, and showed that excess winter mortality still had the biggest impact on life expectancy, while excess summer mortality had a smaller impact. The most significant winter mortality contributions were found in southern and eastern Europe. Most importantly, the contributions of excess seasonal mortality to the total change over time in life expectancy at birth remained only marginal, which suggests a lack of progress in reducing the public health burden of seasonality in the 21st century.\r\n\r\nIn Chapter 3 of this dissertation, subnational variations in the mortality impact of COVID-19 in Germany in 2020 and 2021 were analysed. Assessing the impact of COVID-19 on life expectancy has been difficult due to the quality of epidemiological data and uncertainties about the best methodology to quantify its mortality burden. In this research paper, we used a consistent methodological framework to estimate excess mortality attributable to COVID-19 across the German federal states. Despite Germany being among European countries with the lowest excess mortality, substantial differences in the pandemic's impact on life expectancy across the German federal states were observed. This heterogeneity increased between 2020 and 2021, particularly among males, largely due to greater life expectancy losses in the eastern regions. The variations of the impacts were closely linked to both the spatial spread of the virus at the beginning of the pandemic and, subsequently, the pre-existing socioeconomic and healthcare disparities. In fact, eastern German states generally had lower vaccination rates, less adherence to containment measures, and greater socioeconomic deprivation than the western German states.\r\n\r\nChapter 4 assessed the extent to which seasonal excess mortality reduced life expectancy at the regional level in Italy and analysed how these effects contributed to spatial inequality in life expectancy in Italy over the years 2005-2019. We employed weekly and monthly mortality data by region and group of regions in Italy, and developed a season-specific decomposition method to assess the seasonal contributions to regional inequalities in mortality. We found a substantial variation in the impacts within the country. Southern and insular regions were more impacted by seasonal mortality, especially during the winter months. The research also showed that it would have been possible to reduce spatial inequality in life expectancy at birth by eliminating excess seasonal mortality, which was mainly driven by excess winter mortality.\r\n\r\nIn Chapter 5, the third sub-objective of this dissertation was addressed by analysing the contributions of cause-specific mortality to short-term excess mortality in Italy between 2004 and 2019. Using monthly mortality data by cause of death, we assessed cause-specific patterns of seasonal mortality and their contributions to overall seasonal mortality in the country. The findings showed that excess mortality varied by cause of death, with particular causes exhibiting pronounced seasonal patterns. Excess heart mortality was the main driver of the total excess mortality, particularly because of its dominant role during the winter months. On the other hand, respiratory mortality displayed the highest relative deviations from baseline levels. The male population was more affected by the intra-annual mortality fluctuations, considering all-cause mortality and each specific cause of death. Lastly, no reduction in the impact of the cause-specific seasonal peaks over time was found, indicating a growing or unmitigated seasonal burden for some causes of death.\r\n\r\nFinally, Chapter 6 presented a summary of the results, an overall discussion and explanation of the main findings, reflections on the strengths and limitations of the thesis and its methods, and recommendations for future research and policymakers.\r\n\r\nOverall, this PhD thesis demonstrated that short-term mortality fluctuations have substantially reduced life expectancy and have played a significant role in increasing regional mortality inequalities across Europe in recent decades, particularly due to winter mortality. At the same time, no impact of short-term mortality fluctuations on mortality and life expectancy trends was found. Both the COVID-19 pandemic in Germany and seasonal mortality in Italy worsened spatial disparities, particularly in the eastern German states and in the southern and insular regions of Italy. Cause-specific analyses for Italy identified cardiovascular and respiratory diseases as the primary drivers of seasonal excess mortality, with their seasonal patterns remaining stable over time despite advances in medical progress.\r\n\r\nThe substantial reductions in life expectancy observed across Europe during short-term mortality fluctuations can be primarily attributed to seasonal mortality, and, more recently, to the COVID-19 pandemic. The recurrence of excess winter mortality across European countries indicates that limited progress has been made in mitigating seasonal health risks, particularly those associated with flu epidemics. Despite advances in healthcare, vaccination rates, and housing conditions, winter mortality remains a structural and persistent component of European mortality patterns. This stagnation likely reflects two counterbalancing factors: while improved infrastructure and medical care have reduced vulnerability to cold, population ageing and increasing climate variability have amplified exposure and increased vulnerability to seasonal risks. Moreover, influenza-specific factors, such as the emergence of new viral strains, variable vaccine effectiveness, and the timing of epidemic waves within the year, continue to contribute to the persistent impact on winter mortality.\r\n\r\nThe analyses at the regional and the country level showed that areas with poorer housing conditions, lower vaccination coverage, weaker healthcare systems, and generally lower socioeconomic status experienced greater losses in life expectancy during high-mortality winters, indicating a higher vulnerability of these subpopulations, and resulting in seasonal mortality contributing significantly to regional mortality differences, as was observed for Italy. The findings also indicate that short-term mortality fluctuations were primarily driven by cardiorespiratory diseases, which remained the main contributors to excess mortality during the winter months. These results indicate that while medical advances have reduced overall mortality, they have not decreased the population\u2019s sensitivity to seasonal shocks, resulting in higher vulnerability to cardiorespiratory disease. However, these impacts on mortality seem to affect annual mortality levels rather than long-term trends, and have a temporary but cyclical nature.\r\n\r\nThis thesis contributes to the existing literature by providing a thorough understanding of how short-term fluctuations shape mortality levels, mortality trends, and regional mortality inequalities across Europe. This study is innovative because it i) uses a comprehensive approach to analysing both mortality levels and trends, comparing countries across Europe, examining regional disparities, considering all four seasons, and integrating cause-specific data; ii) develops a novel methodological framework to assess excess intra-annual mortality and to quantify the contributions of short-term events to overall mortality levels, trends, and inequalities; and iii) exploits recently available, high-quality datasets to deepen our understanding of short-term mortality dynamics and inequalities in the 21st century.\r\n\r\nThis PhD thesis provides new insights into the demographic and public health relevance of short-term events and highlights the importance of considering them when studying current mortality dynamics and inequalities. Nevertheless, there are some limitations that should be acknowledged. The analysis is restricted to the 21st century due to availability constraints, preventing the analysis of how mortality fluctuations evolved over longer historical periods, and potentially missing important earlier epidemiological developments. The results depend on constructing a counterfactual baseline scenario, which remains an approximation, and on using highly disaggregated data (monthly, regional, cause-specific), which introduces increased random variation that reduces the robustness of the estimates. Finally, the demographic approach, like any ecological study, focuses on mortality outcomes rather than underlying mechanisms such as environmental exposures, socioeconomic vulnerabilities, or healthcare factors; hence, to gain a full understanding of the complex interactions driving short-term mortality fluctuations, richer, longer-term data and complementary epidemiological methodologies would be needed.\r\n\r\nThe findings of this thesis have important implications for public health policies in Europe. They highlight that short-term mortality fluctuations, whether caused by seasonal variations or epidemics, are both an integral component of population health dynamics and a reflection of exceptional mortality anomalies, as in the case of COVID-19. Addressing these mortality risks requires both structural and adaptive responses. On the one hand, long-term strategies should aim to reduce vulnerability through improved housing, vaccination coverage, and equitable healthcare access with the help of targeted support from national and European authorities (funding, workforce allocation, and infrastructure investment). On the other hand, increasing health system preparedness and the capacity for rapid responses to emerging crises, such as pandemics or extreme temperature events, remains essential. Given that regional inequalities in mortality reflect differences in demographic, socioeconomic, healthcare and policy responses, regionally tailored public health strategies are also crucial, particularly in the most affected areas, such as southern and eastern Europe, the southern and insular Italian regions and eastern Germany and the most affected subpopulations, such as older adults and those with pre-existing cardiorespiratory diseases. Strengthening high-frequency mortality monitoring systems and harmonising mortality reporting across Europe would also provide valuable tools for timely interventions and more effective public health planning.\r\n\r\nReducing the mortality burden of short-term events would not only improve overall population health and resilience, but also contribute to decreasing regional and social inequalities in life expectancy. In this sense, the results of this PhD thesis underscore the need for a more integrated demographic and public health approach, one that explicitly incorporates the effects of short-term mortality fluctuations into long-term mortality research, policy design, and health system preparedness.","auteur":"Isabella Marinetti","auteur_slug":"isabella-marinetti","publicatiedatum":"4 mei 2026","taal":"EN","url_flipbook":"https:\/\/ebook.proefschriftmaken.nl\/ebook\/isabellamarinetti?iframe=true","url_download_pdf":"https:\/\/ebook.proefschriftmaken.nl\/download\/11f52602-5765-4d12-b30f-ed48c150c46c\/optimized","url_epub":"","ordernummer":"18680","isbn":"978-94-6534-319-8","doi_nummer":"","naam_universiteit":"Rijksuniversiteit Groningen","afbeeldingen":11128,"naam_student:":"","binnenwerk":"","universiteit":"Rijksuniversiteit Groningen","cover":"","afwerking":"","cover_afwerking":"","design":""},"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio\/11126","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/types\/us_portfolio"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/users\/7"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=11126"}],"version-history":[{"count":1,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio\/11126\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":11129,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio\/11126\/revisions\/11129"}],"wp:featuredmedia":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/media\/11128"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=11126"}],"wp:term":[{"taxonomy":"us_portfolio_category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.proefschriftmaken.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/us_portfolio_category?post=11126"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}